Bijsluiter voor Baardagamen

Nederlandse
naam: Baardagame
Latijnse naam: Pogona Vitticeps
Herkomst: Australië
Huisvesting
Maten terrarium:
Baardagamen worden vaak gehouden in een steppeachtig terrarium.
De minimale maten van het terrarium voor 1 baardagame zijn 120 x 40 x 40 cm.
De minimale maten voor een paar of koppel baardagamen zijn 150 x 50 x 50 cm.
Bodembedekking:
Als bodembedekking is het aan te raden om zand te gebruiken. Zand houdt de
warmte goed vast en is makkelijk schoon te houden door het regelmatig te zeven.
Ook haalt het zand het vocht uit de ontlasting, zodat er minder kans is op
vieze baardagamen, geurtjes en ziektes. De meest geschikte zandsoorten zijn
speelzand, schelpenzand en speciaal reptielenzand. Houtsnippers raden wij
af omdat grote stukken kunnen worden ingeslikt. De houtsnippers kunnen niet
verteerd worden door de baardagamen en kunnen dan in de maag gaan rotten.
Dit kan het overlijden van het dier tot gevolg hebben. Ook kunnen houtsnippers
gaan schimmelen in het terrarium.
Inrichting:
Als inrichting kan gedacht worden aan stenen en stukken hout. Het voordeel
van stenen is dat deze warmte opnemen en de baardagamen er lekker op kunnen
zonnen als de stenen onder een lamp liggen. Ook slijpen ze aan de stenen hun
nageltjes. Als er stenen onder de lamp gelegd worden let er dan wel op dat
deze niet te heet worden. Worden de stenen te heet dan kunnen de dieren zich
er aan branden.
Verlichting:
Tegenwoordig zijn er veel soorten lampen voor reptielen te verkrijgen.
Belangrijk is dat er in de lamp die gebruikt wordt voldoende UV-B zit voor
de groei en ontwikkeling van de baardagamen.
Zelf hebben wij goede ervaringen met de spotlamp Osram ultra vitalux, UV TL-lamp
Zoomed Reptisun 5.0 en de UV spots Zoomed Powersun en T-Rex Active Heat lamp.
Het voordeel van de spots is dat ze tevens warmte produceren.
Temperatuur:
Baardagamen zijn koudbloedige dieren. Dit wil zeggen dat zij niet zelf hun
lichaamstemperatuur kunnen bepalen. Om goed het gegeten voedsel te kunnen
verteren en om goed te groeien hebben ze verschillende temperaturen in één
terrarium nodig. Zo kunnen ze zelf bepalen hoe warm hun lichaam wordt.
De spots zijn belangrijk voor het creëren van de juiste temperatuur.
Ook kan er gewerkt worden met warmtematten en warmtekabels.
De temperatuur onder de spots mag oplopen tot wel 45 °C. De temperatuur
in het warme gedeelte mag tussen de 30 °C en de 35 °C zijn. In de
koelere hoeken van het terrarium is 25 °C een goede temperatuur. 's Nachts
mag het afkoelen tot 18 °C zijn.
Let er wel op dat de baardagamen zich niet kunnen verbranden aan de lampen
en andere warmte uitstralende voorwerpen. Ze kunnen namelijk niet goed voelen
of het te warm wordt en zullen dan snel brandplekken op lopen en hier littekens
aan overhouden.
Voeding
Dierlijk voedsel:
Jonge baardagamen eten veel dierlijk voedsel. Dit hebben ze nodig om goed
te kunnen groeien. Het dierlijk voedsel voor jonge baardagamen bestaat uit
krekels, kleine sprinkhanen, wasmotlarven, meelwormen, regenwormen en zachte
honden- of katten brokken. Als de dieren groter worden, kunnen ze ook grotere
prooien eten zoals volwassen sprinkhanen, moriowormen en nestmuizen.
Voor de jonge dieren is het het beste als ze dagelijks eten krijgen. Volwassen
dieren hebben voldoende 2 á 3 keer per week dierlijk voedsel.
Let er bij jonge dieren op dat er niet teveel levend voor in het terrarium
rond loopt. Het voer kan de dieren aantasten en het kan stres veroorzaken.
Groente en fruit:
Groente en fruit voeren wij dagelijks aan onze jonge en volwassen dieren.
Hoe ouder de dieren worden, hoe meer groente en fruit ze zullen eten. In de
natuur eet een volwassen baardagame zelfs voor 90% aan groente en fruit en
maar slechts 10% dierlijk voedsel. Met groente en fruit kan veel afgewisseld
worden. Onze dieren vinden andijvie en paksoy erg lekker.
Broccoli, peterselie, spinazie en wortelen bevatten oxaalzuur. Oxaalzuur zorgt
er voor dat het calcium niet meer kan worden gebruikt voor de skelet opbouw.
Voer deze groenten dan ook met mate. Geef nooit Avocado’s, erwten en
tuinbonen. Deze bevatten een gifstof.
Vitaminen:
Voor een goede gezondheid hebben baardagamen vitaminen en mineralen nodig.
Vooral vitamine D3 is zeer belangrijk voor de skelet opbouw en de eileg.
Het voedsel van de jonge dieren bepoederen wij dagelijks met vitaminepreparaten
en/of calcium. Voor de volwassen dieren is 2 tot 3 maal per week poederen
voldoende. Zieke volwassen baardagamen en drachtige baardagamen hebben 3 tot
4 maal per week vitaminen en kalk nodig.
Water:
Natuurlijk hebben baardagamen ook water nodig. Jongen dieren sproeien wij
tweemaal daags met water. Jonge dieren kunnen makkelijk verdrinken in een
waterbakje. Daarom kiezen wij voor sproeien tot ze een lengte hebben bereikt
van 20cm of groter. Als ze eenmaal groot genoeg zijn sproeien we de dieren
twee maal per week en hebben ze een waterbakje in het verblijf staan welke
elke dag van vers water wordt voorzien.
Gedrag
Baardagamen kunnen met meerdere in 1 verblijf gehouden worden mits deze groot genoeg is. Uit ervaring weten wij dat het samen houden van twee mannen op een gegeven moment voor problemen kan zorgen. Daarom raden wij af om twee volwassen mannen bij elkaar te houden. De reden hiervan is dat op een gegeven moment de mannen elkaar zullen gaan uitdagen en hierdoor gevechten kunnen ontstaan. Deze gevechten kunnen door gaan tot de dood erop volgt.
©
Rodys Dragons reptile keepers 2004